12 februari 2011

Met de schrik vrij?

Telefoontje op zaterdagavond. Ik heb me net met een glas wijn op de bank geïnstalleerd voor de zaterdagavond-crimiavond met meneer Algje. Het is mijn moeder die belt. De dokter is zojuist geweest en heeft geconstateerd dat ze waarschijnlijk een lichte hartaanval heeft gehad. Ze durft niet alleen te gaan slapen. Terecht, en ik zal ook niet lekker slapen als ik weet dat ze daar alleen ligt. Ik reken uit dat ik met spullen pakken en rijden ongeveer half elf bij haar kan zijn. Tot tien uur is daar een vrouw uit haar kerkelijke gemeente als steun. Onderweg voel ik me onrustig, gehaast. Ik moet mijn best doen om niet te gaan scheuren. Aan een dochter die zich doodrijdt heeft mijn moeder niks.

Moeder ligt in bed als ik aankom. Ze vertelt hoe het gegaan is - met misselijkheid en heel veel transpireren - en hoe gelukkig het was dat ze wel de alarmketting om had. Die heeft ze al jaren, maar draagt ze zelden. Dat vind ik maar niks, want ze woont alleen in een flat waar de buren je ook niet zomaar horen. En ze grinnikt om zichzelf. Dat ze tijdens dat transpireren dacht: 'He wat jammer, ik heb mijn haar net gewassen!' en even later: 'Ik heb net vandaag twee dure jurken besteld bij het postorderbedrijf. Dat had ik ook niet hoeven doen als ik nu dood ga.' Ik zeg dat ze nog niet dood is en misschien die jurken nog wel tien jaar kan dragen. Als je bij voorbaat geen nieuwe dingen meer koopt omdat je morgen dood kan gaan, loop je je leven lang in oude zooi.

'Ga nu maar naar bed', zegt ze tegen mij. 'Nee!', zeg ik, opstandig als een klein kind, 'ik mocht vanavond opblijven!' Ik zet in de woonkamer mijn laptop aan en constateer dat de senioren van tegenwoordig veel te veel weten van beveiliging van netwerken. De laptop traceert tien draadloze netwerken, maar niet een zonder slotje. Via sms vraag ik meneer Algje om mijn broers en zussen op de hoogte te stellen.

Ik kan de slaap niet vatten. Het bed is vijfenveertig jaar oud en dat voel je. Onbewust lig ik te luisteren naar geluiden uit moeders kamer. Stiekem wens ik dat ze zachtjes in haar slaap wegglijdt, naar mijn vader die al ruim twintig jaar geleden overleed en volgens de overtuiging van mijn ouders wacht op de dag van de opstanding. Niet dat ik mijn moeder zo graag kwijt wil, maar haar angst lijkt steeds groter te worden. Voortdurend bang zijn om dood te gaan is geen leven. En met een hart dat nog maar voor 25 procent functioneert zal het op een keer gewoon afgelopen zijn.
 
Na een gebroken nacht is mijn moeder de fitste van ons beiden. Ze heeft vannacht bedacht dat het vast geen hartaanval was, maar hypoglycemie. Dat heeft ze liever. We spreken af dat ze maandag de dokter belt, ook omdat ze pijn heeft in haar zij. Niet zo urgent om de weekendarts te bellen, wel iets om nog even naar te laten kijken.

De telefoon staat roodgloeiend. Alle broers en zussen, zelfs de broer die voor zijn werk op Aruba zit, waren zich rotgeschrokken en willen weten hoe het nu met moeder is. Een van hen spreekt ook mij nog even en hoort dat ik verkouden ben. 'Ik dacht', verklaar ik hem, 'ik verspreid nog even wat bacillen, dat versnelt het proces een beetje.' Gelukkig kan mijn broer de humor hebben. Ik probeer mijn moeder het overzicht op haar etensvoorraad en financiën terug te geven. Bij beide heeft ze het gevoel dat ze 'niks heeft'. Ik bereken dat ze met eten nog minstens vier dagen vooruit kan en met geld nog anderhalve maand. Eind van de middag vertrek ik weer. Moeder en ik zijn beiden gerust.



De volgende dagen belt mijn moeder een paar keer, omdat ze zich zo ongerust over míj maakt! Ik had er zo moe uitgezien. De dokter is geweest en die heeft haar hoop dat het hypoglycemie was de grond in geboord. Het was echt wel een hartinfarctje.

3 reacties:

Ettje zei

Altijd weer die schrik, tot de laatste schrik... Heel herkenbaar.
Weet niet of ik je wil toewensen dat ze die jurken nog tien jaar kan dragen...

Struikelaar zei

25 % joh, dat is niet veel.
Ik wens je moeder nog heel veel sterkte en levenslust toe.

Rose zei

Herkenbaar ook, het gevoel van 'het proces willen versnellen', en de zorgen die zij zich nog om haar kinderen en kleinkinderen maakt. Koester de humor die het hele proces wat zal verlichten. Sterkte!